Ik was druk in de weer met het verzamelen van dode takjes, onkruid en uitgebloeide bloemen van vorig jaar te verwijderen uit de tuin. De eerste zonneflikker verscheen, en het was er die dag best aangenaam in de tuin, daarbij jeukten mijn groene vingers om weer aan de slag te gaan met het groen. Ik overzag de tuin eens, en bedenk me dat ik hier de afgelopen drie jaar niet alleen de groei van verschillende planten, bomen en struiken heb zien ontstaan, maar op dit hele grondstuk is er ook een persoonlijke groei ontstaan.
Ik mag heel graag kijken naar programma’s als Bed and Breakfast, Ik vertrek, Het roer om en Helemaal het einde. Het waarom ze vertrekken, waar naartoe ze verhuizen. Maar ook het stukje leedvermaak en de succes verhalen maakt het voor mij interessant om deze avonturen te volgen. De leukste en tenenkrommende afleveringen zijn die, waar Nederland verlaten wordt, om op een plek te gaan wonen, die ze enkel van het plaatje hebben gezien. Of die met enorme bouwplannen en amper een budget hebben, waar meestal ook nog de nodige tegenvallers aan het licht komen. Wij zitten ondertussen heerlijk oordelend op de bank mee te genieten. Maar eerlijk ik zit me ook geregeld te vergapen aan de locaties die worden gekocht. Ik heb een zwak voor oude huizen, het liefst van die mini kasteeltjes, zoals je ze vindt in Frankrijk. Of de oude woningen in Zweden die vaak gemeubileerd over worden genomen. In gedachten zie ik me al rondstruinen. Over krakende vloeren waar onder een laag stof de mooiste spiegels, serviesgoed en andere spullen uit lang vervlogen tijden tevoorschijn komen. Meestal zit er op hetzelfde moment iemand naast me op de bank te mompelen; “Wat moet je met die oude troep, wat een werk halen ze zich aan”.
Het was eind 2021 en het pand van de buren kwam te koop. Je raadt het al, een pand uit midden 1800 en een gedeelte van de stallen zelfs uit 1600. “Frank”, zei ik, “zullen we kijken”. Ik wist hoe de woning er vanbinnen uitzag, omdat ik bij deze buren over de vloer was geweest. Die keer maakte mijn hart al een sprongetje bij de aanblik in het huis. Frank is ietwat sceptisch meegegaan om deze ‘oale meuk’ te bekijken. Maar zei hij na afloop, “Ik snap je nu wel, het heeft zeker iets speciaals”. En zo geschiedde dat Noldes hygge hjem ontstond, mijn eigen Bed and Breakfast, al gaat het voor vakantiewoning door, omdat ik geen ontbijt serveer. En mijn onderbuik gevoel dat het een speciaal plekje is, blijkt in praktijk te kloppen, want gasten reageren stuk voor stuk enthousiast.
Een spectaculaire start, zoals je op tv ziet was het niet, met verborgen gebreken en gasten die al op de stoep staan, terwijl er geen stromend water is of nog erger geen toilet, zodat men maar op een emmertje in de tuin moet gaan zitten. De meeste antieke meubels stonden er al, die bleven staan na de aankoop. Voor mij was het enkel een kwestie van restylen en er mijn eigen twist aangeven. Nieuwe bedden en linnengoed kopen en van start gaan. En elke keer als ik wat geld had gespaard, veranderde ik iets met een nieuw behangetje, en ander verfje of een item van een een kringloop winkel, om het in de sfeer van toen te houden. “Wat ontzettend goed van je dat je hier zo duurzaam bezig ben”, kreeg ik van de gemeente te horen, en ook de plaatselijke toeristenvereniging vond dit een mooi concept. Ondertussen had ik hier geen moment over nagedacht, en deed gewoon wat bij mij past.
Door eigenaar te zijn van deze geweldige plek rolde ik automatisch in de toeristenbranche. Zo kreeg ik contact met de lokale toeristenvereniging en VVV. Mocht ik de leukste plekjes ontdekken voor toerist en ieder die meer interesse heeft. Deze deel ik met mijn gasten en op social media. En zo kwam ik in contact met mijn huidige collega, zij verzorgd reizen naar Denemarken. Een keer per jaar gaan wij een dag samen opstap. We bezoeken een plek ergens in Denemarken. Maar daarnaast bezoek ik plekken voor haar om hier een artikel over te schrijven voor op haar website. En wat ik nooit had kunnen bedenken, dit vind ik zo ontzettend leuk om te doen. Zo bezocht ik al Ribe, liep de Gendarmstien en reisde onlangs op uitnodiging helemaal naar de Møns Klint, in het zuidelijkste puntje van het eiland waar Kopenhagen ook ligt.
Met een kruiwagen vol tuinafval loop ik naar de composthoop. De beide pony’s komen me al blij tegemoet lopen. En begroeten me vrolijk. Ik kiep de kruiwagen leeg. Geef de pony’s een knuffel en loop weer terug de tuin in. Ter plekke bedenk ik me waar ik dit jaar extra bloembedjes maak, want wie zaait zal oogsten!
Een mooie zondag toegewenst,
Debby